PostgreSQL
Categorie: Directe koppeling
PostgreSQL relationele database. Yres koppelt rechtstreeks op de database via een
ADF-gekoppelde service van het type PostgreSql. Er is één PostgreSQL-brontype: dezelfde koppeling
werkt voor zowel on-premises als in de cloud gehoste PostgreSQL-databases.
Verwachte input
Bij het toevoegen van de bron via Bron toevoegen vul je eerst de gedeelde velden in die voor elke bron gelden — Bronnaam (uniek, begint met een letter, 2-45 tekens; wordt de naam van de gekoppelde service en de basis van de Key Vault-secret), type (PostgreSQL), integration runtime, inloggegevens identiek voor alle omgevingen?, vervaldatum inloggegevens (optioneel) en tags (optioneel).
Daarna vul je de PostgreSQL-specifieke verbindingsvelden in:
| Veld | Toelichting |
|---|---|
| Host | Servernaam of IP-adres waarop PostgreSQL draait. |
| Database name | De naam van de specifieke database waarmee je wilt koppelen. |
| Port | De luisterpoort van de database (standaard 5432). |
| User name | De gebruikersnaam waarmee verbinding wordt gemaakt. |
| Password | Het wachtwoord; wordt nooit door de frontend opgeslagen maar naar Azure Key Vault geschreven. |
Authenticatie: Basic (gebruikersnaam + wachtwoord). Yres bouwt hiervan één connection string van de
vorm host=…;port=5432;database=…;uid=…;encryptionmethod=0.
Integration runtime: een self-hosted Integration Runtime is vereist. De gekoppelde service
verwijst via connectVia naar de self-hosted IR pwccIntegrationRuntimeLinked. Een PostgreSQL-bron
draait dus niet op de cloud-IR (AutoResolveIntegrationRuntime): selecteer een gepubliceerde
self-hosted IR die de database kan bereiken — ook wanneer de database in de cloud draait.
Voorwaarden
- Self-hosted Integration Runtime geïnstalleerd en gepubliceerd op een machine die de PostgreSQL-server kan bereiken (zie Databron koppelen).
- Netwerktoegang vanaf de IR-machine naar
Host:Port(standaard5432); pas zo nodig de firewall ofpg_hba.confaan zodat het serviceaccount mag verbinden. - Serviceaccount met alleen-lezen rechten op de betreffende database (least privilege), in plaats van een persoonlijk of admin-account.
De inloggegevens worden door de backend opgeslagen in de Azure Key Vault van de klant als één secret
volgens de conventie adf-{Bronnaam}-connectionstring; de gekoppelde service verwijst daarnaar. Je
voert dus nooit credentials in pipelines of configuratie in.
PostgreSQL gebruikt de oudere deploy-route met één gecombineerde …-connectionstring-secret. Eerder
bestond ook een aparte cloud-variant (AzurePostgreSql), maar die mapping is in de codebase
uitgeschakeld (uitgecommentarieerd) en wordt niet meer gebruikt — alle PostgreSQL-koppelingen lopen via
het ene PostgreSql-type met self-hosted IR.
Gegevens ophalen
Deze waarden komen van je databasebeheerder (DBA) of uit de bestaande JDBC/ODBC-connectiestring.
- Host / Port — Host is de servernaam of het IP-adres waarop PostgreSQL draait; Port is de luisterpoort van de database (standaard 5432). Te vinden in de serverconfiguratie of op te vragen bij je DBA.
- Database name — De naam van de specifieke database waarmee je wilt koppelen (zichtbaar via
\lin psql of bij je DBA). - User name / Password — Gebruik bij voorkeur een apart serviceaccount met alleen-lezen rechten (least privilege) op de betreffende database.
Officiële documentatie: PostgreSQL — Connection Strings
Zie ook: Integratiecatalogus · Alle databron-vereisten · Integraties — overzicht