Azure Data Lake
Categorie: Azure · Bestand
Azure Data Lake Storage Gen2 is een Azure Storage-account met hiërarchische naamruimte (hierarchical namespace) ingeschakeld. Binnen Yres speelt de Data Lake vooral een rol als opslag voor (onbewerkte) data: naast de database kan Yres geladen data optioneel ook als Parquet in de Data Lake landen. Yres voegt daarbij de framework-kolommen RowHash, KeyHash en EtlDate toe, zodat een medallion-architectuur (bronze/silver/gold) mogelijk is.
Er is geen aparte Azure Data Lake-keuze in de "Bron toevoegen"-wizard (bronpicker SourceField.tsx). Wil je data uit een Data Lake (Gen2) ophalen, voeg die dan toe als Azure Blob Storage-bron (zelfde AzureBlobFS/SAS-vorm). Daarnaast gebruikt Yres intern een vaste Data Lake-linked service (AzureDataLakeStorage.json) als eigen staging-/uitvoeropslag — de bestemming waar Yres optioneel Parquet wegschrijft.
Verwachte input
Wanneer de Data Lake als opslag wordt aangesproken, gebruikt Yres dezelfde verbindingsvorm als bij Azure Blob Storage en SAP Business Data Cloud: een AzureBlobFS-linked service met een SAS-uri op het dfs.core.windows.net-endpoint.
Verbindingsvelden (analoog aan de SAS-gebaseerde opslagbronnen):
- Storage-accountnaam — het Azure Storage-account met hiërarchische naamruimte ingeschakeld.
- Container / filesystem — in ADLS Gen2 heet een container ook wel een filesystem. De naam ervan geef je op.
- SAS-token — het token dat toegang verleent tot de Data Lake.
Authenticatie: SAS-token (geen gebruikersnaam/wachtwoord). De volledige SAS-uri wordt opgeslagen in Azure Key Vault en door de linked service gerefereerd; de frontend bewaart nooit secrets.
Integration runtime: cloud — de standaard AutoResolveIntegrationRuntime. De AzureBlobFS-template zet geen connectVia en draait dus op de cloud-IR (net als Azure Blob Storage en SAP_BDC).
Vereisten:
- Een Azure Storage-account met hiërarchische naamruimte ingeschakeld (anders is het een gewoon Blob-account, geen Data Lake Gen2).
- Een SAS-token met minimaal lees-/lijstrechten op de container/het filesystem.
- Een Key Vault-secret volgens de Yres-naamconventie
adf-{bronnaam}-{suffix}(de SAS-uri komt bij provisioning vanuit Key Vault, niet uit de frontend).
Let op: de waarden in de meegeleverde
AzureDataLakeStorage.json(account, host) zijn voorbeeld-/seeddata voor de dev-factory, geen klant-specifieke configuratie. De vorm van de linked service is leidend, de hostnamen niet.
Gegevens ophalen
De verbindingsgegevens haal je op dezelfde plek op als bij Azure Blob Storage:
- Storage-accountnaam — in de Azure Portal → Storage accounts → het account met hiërarchische naamruimte (zichtbaar onder Settings → Configuration → Hierarchical namespace: Enabled).
- Container / filesystem — open het account → blade Containers; in ADLS Gen2 heet een container ook wel een filesystem. De naam ervan is wat je opgeeft.
- SAS-token — maak je aan via Security + networking → Shared access signature (Blob-service + benodigde rechten + vervaldatum → Generate SAS). Bewaar het token direct: het wordt maar één keer getoond.
Officiële documentatie: Introduction to Azure Data Lake Storage
Zie ook: Azure Blob Storage · Integratiecatalogus · Alle databron-vereisten · Integraties — overzicht